AT HARBERTS, 1939-2008



Dag, malle At!

Je bent tot mijn verbijstering, alweer bijna tien jaar dood. Over anderhalf jaar is het al zover. De meest recente herinneringen zijn natuurlijk de meest duidelijke herinneringen. Al zijn de fantastische uitsmijters, die je mij voorzette als je tijdens de jaren '80 en '90 weer eens de vrijgezel mocht uithangen, ook niet uit mijn geheugen weg te rammen.

Ik ben je nog steeds dankbaar voor al die keren in de jaren '0, dat je op Tum Tum hebt gepast en dat ik daardoor toch nog een paar keer op vakantie heb kunnen gaan. Ik ben je, als notoire kattengek, ook dankbaar, voor het feit, dat je vlak voor je dood, ongeneerd voor je stille liefde voor je honden bent uitgekomen. Ik ben je ook dankbaar voor de vele gezellige etentjes bij Mei Wah en vooral voor je gezelschap bij die drie fabelachtige popconcerten in het laatste jaar van je leven.

Maar bovenal ben ik je dankbaar voor al je trouw, al je vriendschap en je werkelijk onuitputtelijke broederliefde. Je was een lieve, gekke en uitzonderlijk gierige broer en ik mis je nog steeds, zoals iedere jongste broer zijn overleden, oudste broer altijd zal blijven missen. Vandaar dit stukje dus, dat in de plaats komt van het gedicht, dat ik vlak na je dood heb geschreven. Ik hoop dat dit stukkie, ontdaan van de rauwe emoties van die afschuwelijke nacht, veel beter en veelzeggender zal blijken te zijn dan dat gedicht!

Dag!

Bert



Foto: Linda Harberts