OMMEKEER
Trudy slofte op haar kousevoeten naar de openstaande verandadeur. Haar man Dennis zat op de veranda te ontbijten en zij stond op het punt om zich bij hem te voegen. Voor een vrouw, die over vijf maanden negenenveertig zou worden, zag zij er buitengewoon goed uit. Haar lange haren hadden tot op de dag van vandaag hun goudblonde kleur behouden, de huid van haar hals en borst zag er nog steeds bijzonder glad uit, haar figuurtje kon nog steeds ‘ietwat naar mollig neigend slank’ worden genoemd en haar benen waren stevig, maar welgevormd. Zij was luchtig gekleed: zij droeg een wit nachthemd met een bloemetjesmotief, een wit jarretellegordeltje en bruine nylonkousen.
BERT HARBERTS
| Terug |
|
Amsterdam, 16 december 2007. © Bert Harberts